Ik heb me vaak afgevraagd wanneer het is begonnen

tips voor ouders kinderen met eetstoornissen www.isa-power.nl

Het verhaal van Anja, over haar zoon Ad.

Een trotse moeder, dat ben ik! Ik heb me vaak afgevraagd wanneer het is begonnen. Als ik zo terugdenk moet dat zijn geweest toen Ad nog heel jong was. Op vakanties schaamde hij zich voor zijn te “dikke” (?) buik met het gevolg dat hij zelfs bij 30 graden nog een Tshirt droeg. Een jongen van 14 die zich schaamt voor zijn buik. Ik kon er van zeggen wat ik wilde maar zijn T-shirt bleef aan.

Na de scheiding is het in een sneltreinvaart gegaan. Enige tijd later begon hij elke ochtend met buikspieroefeningen. Een volle fruitschaal at hij dagelijks leeg. Wanneer ik voor eten zorgde wilde hij altijd iets wat vooral mager of vetarm was. Daarom ben ik toen meerdere gerechten gaan maken. Een maaltijd voor ons en voor Ad iets anders. Ik had nog steeds niets in de gaten. Het gekke is dat ik er ongewild aan meedeed. Je wilt toch dat hij goed en genoeg eet!

Mijn vriendin schrok, maar ik nog erger. En dan… Op een morgen kwam hij naar beneden met alleen zijn pyjamabroek aan. Op die morgen was mijn vriendin bij me. Mijn vriendin schrok, maar ik nog erger. Je kon de botjes en ribben tellen. Een broodmager manneke zonder één gram vet! Vanaf die dag openden mijn ogen: "wat ziet hij er toch slecht uit”. Ook de omgeving begon vragen te stellen. Ik stond er machteloos bij en keek er naar. Ad en ik spraken er over om samen eens naar de huisarts te gaan. Hier stemde hij uiteindelijk mee in. Nog hoor ik zijn woorden van toen; "misschien hebben ze wel een slagroomdieet". Dit verwacht je toch niet van zo’n jonge jongen. Hoe had het zover kunnen komen?

Mijn schuldgevoel werd met de dag groter. Mijn schuldgevoel, wat voort kwam om van zijn vader te scheiden, werd met de dag groter. Wat had ik mijn kind aangedaan? Ik zag hem meer en meer aftakelen. Was het dit allemaal waard geweest? Tijdens het bezoek aan de huisarts werd al snel duidelijk dat er hier meer aan de hand was, hij stelde voor om contact te zoeken met professionele hulp.

We hadden al snel geen geheimen meer voor elkaar. Via een goede vriendin kwam ik in contact met een psychologe. Samen zijn wij daar naar toe gegaan. Bij elk bezoek, op één na, ben ik aanwezig geweest. Hier werd(en) wij/hij met aandacht en interesse gehoord. We hadden al snel geen geheimen meer voor elkaar. De psychologe stelde voor om een week aan interne sessies deel te nemen. Dit was de moeilijkste en heftigste week van ons leven.

Ik bleef onvoorwaardelijk in hem geloven! Ad en ik kozen ervoor om door te zetten. Al het andere aan de kant te zetten. In deze situatie was dat de optie die zal leiden tot herstel. Hoe moeilijk het soms ook was. Ik bleef onvoorwaardelijk in hem geloven. Ik gaf hem alle liefde en vertrouwen. Elk klein stapje naar boven zagen we als een overwinning. Samen waren we trots op hem.

Het briefje dat hij schreef toen hij na de interne behandelingen weer thuis kwam draag ik na 13 jaar nog dagelijks bij me. Ik ben nog steeds dankbaar voor de keuzes die wij toen namen. Deze keuzes hebben ons meer gebracht dan we ooit konden vermoeden. Het heeft zo moeten zijn, lang niet alles is toeval! Ik heb er een supersterke, sociale, lieve, attente, en knappe zoon voor terug gekregen. Het heeft dan zo maar moeten zijn, lang niet alles is toeval. We zijn samen door een heel diep dal gegaan. Ontzettend trots zijn we nu op de speciale band die we hebben.

Ad en ik willen onze ervaringen graag delen, om een bijdrage te kunnen leveren aan een bewustwordingsproces van lotgenoten.

Ga op zoek naar de juiste hulp!

Geschreven door moeder Jeanette

Op de momenten dat de anorexia heel sterk was ging ik geen discussies met mijn dochter aan. Ik handelde zoals ik moest handelen maar op de momenten dat ze er ‘was’ genoot ik met volle teugen. Soms sprak ik met Debbie en soms met "Anna". Ik was altijd op mijn hoede want anorexia is sterk en wil de macht behouden. 

Haar dochter Debbie is nu al weer 3 jaar stabiel!

Fotografie, unsplash.com

Fotografie, unsplash.com

Hallo lotgenoten. Ik begin met mezelf voor te stellen: Ik ben Jeannette Hoetelmans, woon op een prachtig plekje in Noord-Brabant, getrouwd met Piet, moeder van meerdere kinderen, schoonmoeder en oma. De eetstoornis bij mijn dochter ontwikkelde zich vanaf haar 5e levensjaar; pesterijen op school zorgden er voor dat zij ging knoeien met eten; altijd ruzie aan tafel, wat ik ook klaar maakte, niets was goed; het werd toen niet gezien als een eetstoornis, zij was een moeilijke eter en ik moest maar wat ‘harder’ zijn; vanaf haar 18e, na een zware tegenslag, was het geen eetstoornis meer maar ontwikkelde Anorexia zich in alle hevigheid!

15 jaar heb ik haar gesteund in haar strijd tegen deze ziekte, dit demon ... 15 Jaar heeft de anorexia van mijn dochter als een rode draad door mijn leven gelopen. Zij heeft, godzijdank, de strijd gewonnen, soms heeft ze mijn hulp/advies nog nodig maar dan alleen als bevestiging dat ze het goed doet. Bijna 3 jaar is ze nu ‘stabiel’, ik ben trots en dankbaar!

15 Jaar ervaring als ‘moeder van…’ heeft mij veel geleerd. Een leerschool die ik nooit bewust heb gekozen maar mijn dochter heeft ook nooit voor de anorexia gekozen. Samen zijn we de ‘strijd’ aangegaan, soms met veel ruzie en verdriet maar ook zeker met mooie en fijne momenten. Ik heb in het eerste jaar ‘geleerd’ om mijn dochter niet alleen als Anorexia te zien; ik heb mezelf aangeleerd om haar als dochter te blijven zien met de ziekte Anorexia.

Op de momenten dat de Anorexia heel sterk was ging ik dan ook geen discussies met haar aan, ik handelde zoals ik moest handelen maar op de momenten dat zij, mijn dochter, er ‘was’ genoot ik met volle teugen en samen probeerden we dan leuke dingen te ondernemen. Ik gaf het ook altijd twee namen: nu praat ik met Debbie, nu is Anna aan het woord; dit heb ik 15 jaar volgehouden, altijd op mijn hoede want Anorexia is sterk en wil de macht behouden.

Mijn dochter aan de sondevoeding … Het heeft mij ook geleerd dat het als moeder vaak noodzakelijk is om in de rol van de hulpverlening te kruipen, daar waar de reguliere hulp faalt. Nee, leuk vond Anna dat niet maar IK ook niet, weer hadden we hier beiden NIET voor gekozen!!! Ik wilde mijn dochter terug, ik wilde geen contact met Anna maar helaas was de realiteit anders. Soms werd ik zelfs gepusht door de reguliere hulp om verpleegkundige te ‘spelen’, mijn dochter moest aan de sondevoeding en die moest ik haar dan maar geven, deed ik het niet, jammer dan, maar dan werd de behandeling stop gezet.

Wat doe je dan??? Moet je dan als moeder zeggen: “doe het maar zelf” of ga je toch in de rol van de hulpverlening zitten, ongeacht of dit je eigen keuze is??? Ik begrijp heel goed dat het voor mijn dochter niet altijd gemakkelijk was als moeders er zich weer mee bemoeide maar het was zo nodig…zo nodig, ik deed het voor haar! De eetmomenten waren niet alleen voor haar een hel, ook voor mij; ik moest er op toe zien hoe zij zat te kruimelen met haar boterham, zgn. morste met haar drinkbeker en dan moest IK haar vertellen dat ze het aan moest vullen.

De keren dat zij trap op trap af aan het rennen was. IK moest haar beduiden het rustiger aan te doen OF aan te vullen met een boterham/fruit. IK was in haar ogen dan de ‘dooddoener’, IK wist niet wat goed voor haar was. De angst die ik soms ’s morgens had, zou ze nog leven? Ik was haar spiegel ... Vaak hield ik haar een ‘spiegel’ voor om haar, mijn dochter, te bereiken; dat waren fijne en mooie gesprekken, therapeutisch ja helaas wel maar het was niet anders.

Ook ben ik mijn paarden dankbaar; paarden zijn zeer sensitief en kunnen jou, als mens, laten zien wie je bent! Ik heb daar dankbaar gebruik van gemaakt, samen met Debbie maar ook vaak voor mezelf. Mijn paarden hadden de therapeutische rol belangeloos overgenomen; Debbie leerde hier veel van. Stak ‘Anna’ de kop op dan begon het liegen en bedriegen weer... Afspraken en beloften werden niet nagekomen, alles werd weer verschoven naar ‘morgen’; de ‘rest’ van het gezin begreep het niet en werden boos; Moeders kon weer (therapeutisch) gaan ‘schipperen’ tussen Debbie/Anna en de overige gezinsleden; in deze fase had ik vaak ruzie met Anna omdat ik haar duidelijk liet blijken dat zij niet welkom was in ons gezin, dat wij Debbie terug wilde hebben en dat ten kosten van alles wilden bereiken.

Als ik Debbie kon bereiken hadden we fijne gesprekken, ook over de achterliggende oorzaak, iets wat vaak vergeten wordt bij de Anorexia door de reguliere hulpverlening. Kwam Anna in beeld dan gaf ze duidelijk aan dat ze mijn hulp niet wilde, dat ze het wel alleen kon ‘het komt wel goed’ was haar standaard zinnetje, dat zij te pas en te onpas gebruikte; dat vertrouwen in haar wilde ik dan ook dolgraag behouden maar ooo wat is dat vertrouwen vaak beschaamd, zonder dat zij, Debbie, er iets aan kon doen!

Daarom is Anorexia ook zo’n eenzame strijd, zij denken dat ze het alleen kunnen, gevoelloos door hun lage BMI maar helaas, ze kunnen het niet alleen. Praten, stimuleren, prijzen, liefde en warmte geven Samen met de reguliere hulp hebben zij ook de steun, warmte, liefde, begrip, empathie van ouders/broers/zussen etc. nodig, die hen steeds weer even terug op de wereld zetten op de momenten dat ze even zichzelf zijn. Hierdoor worden zij sterker om door te gaan en Nee, het is niet wat Anna wil, die wil de macht blijven behouden maar door te blijven praten, stimuleren, prijzen, liefde en warmte te geven wordt Anna, stap voor stap, steeds verder naar achteren gedreven en uiteindelijk verjaagd! Het is een proces van jaren en vergt veel geduld en energie ... Niet boos worden bij een terugval, niet hardop juichen bij een paar ons aangekomen maar er gewoon zijn, dat is belangrijk!

Wat mij het meeste stoorde bij een opname…een leefbaar gewicht? Ga maar naar huis en doe de rest maar zelf!!! Het hoofd zit bomvol ... Dat kan niet; oké het gewicht is dan misschien op dat moment leefbaar te noemen maar het hoofd zit bomvol en daar wordt weinig tot niets mee gedaan...je dochter komt naar huis en moeders, niet zeuren ze heeft een leefbaar gewicht! Ik werd bijna gedwongen de therapeut te zijn ... Wachtlijst bij de therapeut…terugval van het gewicht…lage BMI, gevoelloos en niet op een normale manier kunnen functioneren…wie heeft het niet meegemaakt. En dan moet je er als moeder wel zijn, je ziet dat je dochter het niet alleen kan!!! Neem van mij aan dat deze moeder echt niet vrijwillig in die rol van therapeut gekropen is, steeds weer.

Bron, unsplash.com

Bron, unsplash.com

De angst liet ik ook toe, deze emotie mocht er van mij ook zijn; ik sprak hem ook uit naar Debbie; angst dat zij in mijn armen zou overlijden. Door deze emotie toe te laten en te bekijken kon ik hem daarna ook weer los laten, ik kwam er sterker uit. Maar je man en het gezin is ook belangrijk... Er zijn meer kinderen die jou als moeder/oma willen en jouw leven gaat ook door; ik heb geleerd om Anna uit te schakelen, om ‘balans’ in mijn leven te krijgen door me niet schuldig te voelen en me niet te schamen voor het feit dat mijn dochter anorexia had.

Schuldig…ja dat voelde ik me in het begin wel; ik zag mijn dochter, intens verdrietig, mager en altijd koud hebbend, zichzelf vernietigen en ik stond aan de zijlijn, zo was mijn gedachtegang; hoe kon ik lachen terwijl mijn kind een doodstrijd voerde maar juist Anna, diegene die ik zo haatte, heeft mij doen inzien dat ik wel mocht lachen!! Als een leeuwin vocht ik voor mijn dochter ... Raar, he maar zo was het wel; op momenten dat ik vrolijk was werd Anna héél sterk door rotopmerkingen te maken, door negatieve gevoelens naar mij te sturen.

Door daar ‘boven’ te blijven staan, toch te genieten van leuke momenten, van mijn kleinkinderen, liet ik Anna zien dat zij mij NIET in haar macht had en dat ik als een leeuwin zou vechten voor Debbie, om ook haar weer te laten lachen en zingen! En nee, dit is geen proces van twee weken, dit is een proces van jaren geweest maar het is gelukt en dat is het enige wat telt.

Schaam je niet ... Schamen voor haar ziekte heb ik nooit gedaan, je schaamt je ook niet als je kind griep heeft en we mogen nooit vergeten dat Anorexia ook een ziekte is, dat de patiënt(e) hier ook niet om gevraagd heeft. Hallo, het bomvolle hoofdje is de oorzaak! Ik ben altijd open en eerlijk geweest, soms boos op mensen die geen begrip toonden en maar riepen: “dan moet ze maar gewoon eten”…ja, was dat de oplossing maar, ik zou het eten in haar gepropt hebben!

Dit is geen realiteit, Anorexia is een ziekte en ook nog eens dodelijke ziekte en nee, het is niet alleen het gewicht dat telt, de achterliggende oorzaak, het bomvolle hoofdje is de oorzaak en als dat hoofdje niet leeg gemaakt wordt zal Anorexia altijd (chronisch) op de achtergrond blijven! Het is géén strijd die je alleen kunt voeren, de patiënt(e) niet maar ook de betrokkenen niet.

Ga op zoek naar de juiste hulp want helaas het is geen griepje van twee weken maar meestal een strijd die jaren duurt en soms, soms ben je zo moe en dan is het belangrijk dat je je verdriet en angsten kunt ‘delen’ met iemand die wat ‘verder’ van je af staat! Laat Anorexia niet het hele gezin in haar ‘macht’ krijgen, één patiënt(e) is er al één teveel!



Erkenning, hulp vragen, de ernst van de ziekte inzien

Geschreven door moeder Mirjam

Erkenning, hulp vragen, de ernst van de ziekte inzien, hulp accepteren en het delen met anderen is wat nodig is het genezingsproces op gang te zetten en de lange weg naar een beter leven te doorstaan. Bewustwording dat een eetstoornis niet alleen over eten gaat is nodig om jezelf te ontdekken, jezelf te waarderen en te vechten voor een mooie toekomst.

Fotografie, unsplash.com

Fotografie, unsplash.com

Over haar dochter die al heel ver is in haar herstel en haar eetstoornis bijna overwonnen heeft. Al langere tijd maakten we ons zorgen om onze dochter. Ze kampte met veel hoofdpijn, sliep slecht, kon steeds minder tegen veel geluid en fel licht en wilde steeds minder met vriendinnen ondernemen. Onze dochter was altijd een heel sprankelend meisje vol positieve energie, behulpzaam, wilde het altijd voor iedereen leuk en gezellig maken, snapte niet dat er leerlingen waren die niet wilden luisteren en geen respect hadden voor anderen, ze deed overal heel erg haar best en dat uitte zich in goede prestaties, op school, maar ook op creatief-, toneel- en sportgebied. Waarom gaat het niet goed terwijl ze ‘alles’ mee heeft vroegen wij ons af.

Vooral het terugtrekken en de continue hoofdpijn, waardoor ze zich steeds vaker ziek moest melden, deed ons besluiten het eens goed te laten onderzoeken. Een jaar eerder hadden we gesprekken met een orthopedagoog gehad vanwege dezelfde zorgen, maar daar kwam niets uit. Dus nu maar door de medische mallemolen. Ook de kinderarts kon niets vinden, op astma na. Ze was nooit benauwd, maar het kon natuurlijk wel haar hoofdpijn verklaren. Toch veranderde niets met de pufjes.

Na een half jaar werd ze weer eens gewogen, dat is routine als je bij een kinderarts loopt. Toen bleek ze drie kilo te zijn afgevallen. Dat was vreemd vonden we, maar er ging nog geen belletje rinkelen. Twee weken later hadden we haar thuis gewogen en bleek ze weer drie kilo afgevallen te zijn. Toen begon het duidelijk te worden en zijn we gaan opletten en zagen we van alles gebeuren. Eten zagen we onder tissues en servetjes verdwijnen. Koekjes werden weggemoffeld in haar broekzak en later weggegooid, pauze hapjes en brood van school in de prullenbak.

Na bezoek aan de kinderarts (ze was zelfs drie kilo in één weekend afgevallen) werden we direct doorverwezen naar GGZ waar, na onderzoek in combi met de kinderarts, anorexia werd vastgesteld. Ze mocht niet meer naar school en niet meer sporten. Ze mocht zelfs niet meer wandelen met de hond, alleen nog op de bank zitten.

Een diëtiste schreef haar een dieet voor. Iedere dag kwam een verpleegkundige om haar hartslag en bloeddruk te meten en te kijken of het lukte onze dochter aan het eten te krijgen. We kregen een psycholoog als begeleiding en ook onze dochter had wekelijkse gesprekken met een psycholoog naast tweewekelijks bezoek aan de kinderarts en wekelijks naar de diëtiste. Ik ben gelijk gestopt met werken en heb me volledig toegewijd aan de verzorging van onze dochter.

Samen zaten we de hele dag filmpjes te kijken, te breien, spelletjes te doen. Zelfs daar bleek ze nog van af te vallen. Onze dochter wilde nog steeds niet eten. Ondanks alle hulp, wat we echt als heel bijzonder en dankbaar ervaren hebben, lukte het niet onze dochter aan het eten te krijgen. Haar hartslag en bloeddruk gingen achteruit en de kinderarts neigde haar op te nemen. GGZ zei ons snel een kliniek te zoeken waar ze heen zou kunnen, daar dat veel beter zou zijn dan een ziekenhuisopname op de psychichiatrische afdeling.

Gelukkig kwam de ommezwaai. De vakantie! Mijn man en andere dochter gingen een week op vakantie, de hond een week uit logeren en samen met mijn dochter ben ik een hele week meegegaan in haar ritme van totale rust en niets doen. Ik heb zelfs haar eetschema gevolgd. Het lukte haar zowaar om drie ons aan te komen. Vervolgens zijn we met open armen ontvangen bij een eetstoornis kliniek in Zeist.

We kwamen met een totaal verzwakt meisje aan die alleen nog kon staren en ook heel erg geschrokken was van alles wat haar overkomen was. Alle zeilen werden bijgezet. We reden zeker drie keer per week naar Zeist. Hadden groepstherapie met andere ouders, onze dochter kreeg groepstherapie met lotgenoten en we hadden gezinsgesprekken en begeleiding van een diëtiste. Allemaal heel confronterend en herkenbaar, alles wat we er hoorden en zagen. Het was fijn om te kunnen delen met andere ouders en ook voor onze dochter fijn om herkenning te vinden bij lotgenoten.

We waren overtuigd dat we op de beste plek zaten en onze dochter in samenwerking met ons de beste behandeling en ondersteuning kreeg. Ze is een doorzetter en dat liet ze ook zien. Ze wilde zo snel mogelijk met alles klaar zijn. We hebben heel veel kennis opgedaan in de kliniek. Ze is nog twee weken opgenomen geweest omdat ze bang was om te bewegen opdat ze dan zou afvallen en in die twee weken werd ons ook wel duidelijk dat ze nog niet alles durfde te eten.

Maar binnen een half jaar was ze 15 kilo aangekomen en op haar streefgewicht en voor het eerst ongesteld. Iedereen euforisch hoe knap ze dat gedaan had. Maar of het nu echt beter ging? Heel blij waren we dat er ook therapie aangeboden werd om sterker en positiever in het leven te komen staan. Ook dit bestond uit groepstherapie, maar helaas werkte dit averechts bij onze dochter. Ze at in haar ogen alles weer, was goed aangekomen en zat nu met allemaal meiden die het moeilijk vonden een pauze hapje te nemen en calorieën aan het tellen waren. Deze therapie werd snel stopgezet en ze kwam in een nazorgtraject.

Je komt dan in een fase dat “alles” lijkt goed te gaan. Je leert naar jezelf te kijken hoe het gaat. Benoemt de moeilijke momenten en wat de trickers voor jou zijn om terug te vallen. Je zorgt voor mensen om je heen die je in de gaten houden en helpen indien nodig. Helemaal goed, alleen hadden wij het gevoel dat het nog helemaal niet zo goed ging.

Onze dochter kan zich altijd heel goed voor doen, als of alles goed gaat en niemand zich zorgen hoeft te maken en dat uitte ze ook naar de kliniek. Al was ze aangekomen zagen we nog veel eetstoornisgedachten en gedroeg ze zich ook nog zo af en toe. De kliniek zei dat we er vertrouwen in moesten hebben dat onze dochter het zelf zou kunnen redden en dat we met onze kennis en ervaring en de slimheid en kennis van onze dochter het goed zou komen.

Onze oude vrolijke dochter was nog niet terug. Naast haar eetstoornisproblemen zagen we ook nog steeds een meisje met veel spanningen en depressieve gedachten.

Bedankt voor het lezen van mijn verhaal, Mirjam

Onze oude vrolijke dochter was nog niet terug

Geschreven door moeder Mirjam

De kliniek gaf aan ons geen therapie te kunnen bieden. We moesten terug naar GGZ voor verdere behandeling voor haar depressieve gedachten. Ondertussen therapeut nummer zo veel. In de kliniek heb je drie fases en in iedere fase heb je twee of drie behandelaars. Tijdens de opname krijg je ook even een andere behandelaar. We hebben héél veel verschillende behandelaars gehad. We hadden voor de kliniek bij GGZ al vier behandelaars gehad en nu weer drie nieuwe, na reorganisatie weer drie nieuwe. Overigens allemaal even vriendelijk en behulpzaam.

Fotografie, unsplash.com

Fotografie, unsplash.com

Voor de eetstoornis bleven we op ons verzoek onder behandeling bij de kliniek. Onze dochter was ondertussen een paar kilo afgevallen, niet meer ongesteld en het lukte haar niet om te herstellen. Naar ons idee omdat ze gewoon nog niet goed in haar vel zat. Voor haar depressieve gedachten hebben we, na veel twijfelen, een medicinale behandeling ingezet.

Via een kennis kwamen we in contact met een ervaringsdeskundige. We kregen hulp van een ervaringsdeskundige! De ervaringsdeskundige straalde zo veel positieve energie uit. Onze dochter voelde zich begrepen en kwam steeds opgetogen thuis na de gesprekken. Ook ik kreeg positieve energie na contact met haar gehad te hebben. Je voelde dat ze snapte hoe onze dochter zich voelde en wist ook hoe haar moeder het ervaren had. De kliniek snapte deze stap wel maar had wel moeite met een ervaringsdeskundige als nieuwe behandelaar.

Onze dochter was niet gebaat bij verschillende adviezen. Wij vonden juist dat onze dochter niet verder kwam en we nieuwe hulp zijn gaan zoeken om haar te helpen en dat een goede klik, die ze nu had, heel belangrijk was om haar verder te helpen. Ook wij vonden het moeilijk dat ze meer vrijgelaten moest worden in haar keuze wat ze wilde eten. Vooral omdat anderhalf jaar de theorie was dat het dieet volgen heel belangrijk was en vooral dat alles gegeten moest ( kunnen) worden, omdat je anders de eetstoornis in stand hield.

Maar wij als ouders hadden ook gezien dat ze na goed aangekomen te zijn, weer teruggevallen was, waarschijnlijk omdat ze zich goed aan de regels wilde houden, maar niet omdat ze er zelf achter stond. Ook wij hebben nu het standpunt dat ze zelf de eetstoornis moet willen overwinnen, met alles wat daar voor nodig is. Het draait niet alleen om eten.

De eetstoornis draait niet alleen om eten, maar vooral ook om wat er schuil gaat van binnen. Je emoties ontdekken, ontdekken wie je zelf bent, trots zijn op je zelf en wat je wilt bereiken in de toekomst. Het dubbele blijft dat je wel een gezond gewicht moet hebben om je doelen te bereiken en je angsten moet overwinnen weer alles te leren eten, wat moeilijk is alleen te doen. Daar onze dochter al weer een jaar met ondergewicht kampt en de kliniek haar op wil nemen en geen andere oplossing ziet zijn we (voorlopig) gestopt met de behandeling aldaar en vindt ze haar steun bij de ervaringsdeskundige en GGZ.

Onze dochter is weer vrolijk en energiek. Ze heeft het naar haar zin op school, bij yoga, volley en toneel, een baantje achter de bar bij een voetbalvereniging en is trots op wat ze doet en kan. We kunnen weer heel goed met haar communiceren, ze staat open voor alle gesprekken. Haar ‘buikje’ staat haar nog wel in de weg, haar gewicht is nog niet goed, maar we willen haar niet alle leuke goede dingen die ze nu heeft ontnemen door haar op te laten nemen en alle contacten die ze nu heeft stil te leggen.

Een Brusselse wafel met slagroom! Vanmiddag heeft ze een Brusselse wafel gekocht en met slagroom opgegeten. Ze durft haar grenzen te verleggen. Ik hoop dat we de goede keus hebben gemaakt en ze straks nog trotser op zich zelf kan ziijn en de eetstoornis achter zich kan laten. Het leven kan zo mooi zijn als je zelf niet in weg ligt.

We zijn blij met alle zorg die we tot nu toe gekregen hebben. Iedereen heeft ons hoop op beter gegeven en dat hebben we stapje bij beetje mogen ervaren. Zonder de kinderarts waren we er niet achter gekomen dat onze dochter een eetstoornis had, zonder GGZ waren we niet bij de kliniek terecht gekomen en niet aan medicatie begonnen dat zo goed uitpakt en waar ze nu ondersteunt wordt met EMDR, zonder de kliniek had onze dochter nooit de eerste stappen gezet de eetstoornis te overwinnen en hadden we nooit zo goed begrepen wat een eetstoornis inhoudt en kunnen delen met andere ouders met dezelfde zorgen.

Alle hulp is belangrijk geweest voor ons! Zonder de ervaringsdeskundige was ze nooit zo positief in het leven gaan staan en de steun gevoeld die ze nodig had, zonder ons en haar lieve zus had ze het waarschijnlijk niet volgehouden. Alle hulp is belangrijk. Erkenning, hulp vragen, de ernst van de ziekte inzien, hulp accepteren en het delen met anderen is wat nodig is het genezingsproces op gang te zetten en de lange weg naar een beter leven te doorstaan.

Bewustwording dat een eetstoornis niet alleen over eten gaat is nodig om jezelf te ontdekken, jezelf te waarderen en te vechten voor een mooie toekomst. Wat ons, vooral in het begin, erg geholpen heeft is de eetstoornis los te zien van je kind. Het is de eetstoornis die niet wil eten, boos wordt en strijd met je levert omdat je het weg wil hebben. Je kind is net zo verdrietig, zo niet verdrietiger dan jij en heeft alle steun en liefde nodig. Wat er ook gebeurd. Onvoorwaardelijke zorg en liefde geven! Ook als ze gelogen heeft of het niet lukt om (genoeg) te eten. Zorg en liefde geven en zorg en liefde ontvangen hebben we allemaal nodig om een 'zorgeloos' en liefdevol leven te kunnen lijden.

Bedankt voor het lezen van mijn verhaal, Mirjam


Een trauma van haar adoptie en een eetstoornis

Geschreven door Moeder – Marie Louise

Een trauma van haar adoptie en een eetstoornis, zo zwaar voor ons kind. En voor ons, maar dat stond op het tweede plaats. Inmiddels las ik zoveel mogelijk en over vroegkinderlijk trauma bij kinderen en over eetstoornissen. Ik wilde haar zo graag begrijpen en helpen en voor begrip heb ik kennis nodig. Wat ik nu inzie is dat ik het voor haar wilde oplossen en dat gaat niet. Afstand nemen was nodig voor ons allebei.

Fotografie, unsplash.com

Fotografie, unsplash.com

Twee jaar geleden werd onze dochter Juana ziek, niet echt ziek maar ze voelde zich niet goed, ondefinieerbaar moe, uitgeblust en erg misselijk. Omdat dit zich bijna elk jaar aan het einde van de winter voordeed namen we zoals het kwam en lasten we een paar weken rust voor haar in. Maar dat jaar bleef ze maar misselijk wat natuurlijk ook effect op het eten had. Na verloop van tijd verwees de huisarts ons na de kinderarts. De misselijkheid bleef en Juana bleef maar afvallen omdat ze steeds minder ging eten. Na een jaar volgden lichamelijke onderzoeken die niets uitwezen. Voorzichtig werd een eetstoornis geopperd.

Wij waren verbaasd, ons kind wat altijd zo graag at en wat samen eten altijd enorm gezellig vond. Eerst moest ze aankomen dan pas mocht ze behandeld worden. Natuurlijk, er waren altijd zorgen over haar geworstel met haar adoptieverleden. Een gespecialiseerd team stelde een preverbaal trauma vast dat behandeld moest worden. Maar voordat dat kon gebeuren moest ze eerst aankomen, dus volgde een ziekenhuisopname. Weer een paar maanden verder begon de therapie. Omdat die zeer zwaar en stressvol was verergerde die de eetstoornis alleen maar.

De spanning in huis liep alleen maar op. Een trauma en een eetstoornis, zo zwaar voor ons kind. En voor ons, maar dat stond op het tweede plaats. Inmiddels las ik zoveel mogelijk en over vroegkinderlijk trauma bij kinderen en over eetstoornissen. Ik wilde haar zo graag begrijpen en helpen en voor begrip heb ik kennis nodig. Wat ik nu inzie is dat ik het voor haar wilde oplossen en dat gaat niet. Afstand nemen was nodig voor ons allebei. Juana moet haar eigen autonomie zien te krijgen met mij/ons op de achtergrond. Zij geeft aan waar waar ze heengaat, dat kunnen wij niet afdwingen.

Hoewel ik haar wel af en toe liefdevol moet begrenzen. Mijn dochter vroeg mij uiteindelijk zelf om hulp. Op een gegeven moment begon de eetstoornis zo’n groot deel van Juana’s leven te beïnvloeden dat ze zelf aangaf, mama ik wil dit niet meer, ik wil er vanaf maar ik kan dat niet alleen. Maar ze gaf ook aan geen gesprekken met een psycholoog te willen. Ze wilde met iemand praten die hetzelfde had meegemaakt, een ervaringsdeskundige. Naar aanleiding van gesprekken die we hadden met de kinderarts, psychotherapeut, en de psycholoog trokken we de conclusie dat een vertrouwenspersoon heel belangrijk is. Wij voegden daar zelf nog, ervaringsdeskundige bij. Desondanks het traject met de ervaringsdeskundige coach nog vrij pril is hebben we vertrouwen en het allerbelangrijkste, ons kind heeft vertrouwen.

Vertrouwen om de eetstoornis de baas te worden en haar trauma een plaats te kunnen geven. Hoe lang het pad naar herstel nog is weten we niet, maar ooit hoop ik dat mijn kind zichzelf zal durven zijn en haar verleden een plaatsje kan geven. Waar we tegenaanlopen: - Tegenstrijdige adviezen, als ouder vechten om serieus genomen te worden dus geen gelijkwaardige gesprekspartner zijn. Tegen je eigen grenzen/emoties aanlopen, in sociaal isolement terechtkomen, dwangmatigheden, onder druk staan van vertrouwen, ervoor waken (moeilijk) dat het leven geen eetstoornis wordt, - Moeilijk is om je kind de grip op zichzelf te zien verliezen (hoewel het juist controle lijkt) en daar niets aan kunnen doen - Geleerd over eetstoornissen dat het niet over eten maar over allerlei andere kwesties die op de achtergrond spelen, gaat.

En dat besef daarover noodzakelijk is. Herstel moet uit zichzelf komen (daar de ruimte voor geven) met steun van ervaringsdeskundige, vertrouwenspersoon, ouders. Tips vind ik lastig om te geven, ieder doet het op de manier die bij hem/haar past.

Bedankt voor het lezen van mijn verhaal,

Marie Louise

Tips voor broers en zussen bij eetstoornissen

Fotografie, unsplash.com

Fotografie, unsplash.com

Mijn broer zegt altijd het volgende over zijn anorexia periode; “Met anorexia ben je de draad helemaal kwijt in je leven. Het enigste waar je grip op hebt en ook goed in bent is je lichaamsgewicht beheersen. Het resultaat, afvallen motiveert. Je bent daar mee bezig en het andere achterliggende probleem van de anorexia verdwijnt naar de achtergrond." 

Over haar broer Ron die anorexia heeft overwonnen. Ron heeft anorexia gehad, welke achteraf gezien al op zijn tiende zijn intrede deed. Het is een hele strijd geweest en dit heeft zijn sporen lichamelijk en geestelijk achter gelaten. Trots ben ik dat Ron de ziekte heeft overwonnen. Die overwinning ontstond doordat iemand hem serieus nam en Ron een baan in een bakkerij aanboodt. Het gevoel van waardering was exact wat hij nodig had, eindelijk kon hij iemand zijn. Anorexia is toch iets voor meisjes? Ron is inmiddels de 40 gepasseerd en de ziekte en de oorsprong alweer 27 jaar geleden achter ons. Toen was er nog weinig over bekend en nu nog niet en al helemaal niet bij een jongens. Dat er iets was met Ron was duidelijk. Het ging niet goed, maar iemand met anorexia is slim en gehaaid en weet deze ziekte (vaak) te verhullen. De schade aan het lichaam was al gedaan en bij de diagnose was directe ziekenhuis opname nog de enige oplossing voor Ron. Wat heb ik geleerd over mijn broer...

Mijn broer zegt altijd het volgende over anorexia; “Met anorexia ben je de draad helemaal kwijt in je leven. Het enigste waar je grip op hebt en ook goed in bent is je lichaamsgewicht beheersen. Het resultaat, afvallen motiveert. Je bent daar mee bezig en het andere achterliggende probleem van de anorexia verdwijnt naar de achtergrond.” Het is dus belangrijk dat iemand met een eetstoornis gaat praten over waar het ogenschijnlijk mis is gegaan en wat degene nodig heeft om de boel weer op de rit te krijgen. Confrontatie met eten kan het gevoel van angst en onzekerheid eigenlijk alleen maar vergroten. Toch is dat wat er werd gedaan met mijn broer in het ziekenhuis.

Mijn advies aan andere zussen ...
Je geduld en vertrouwen uitspreken dat jullie dit samen gaan aanpakken: ten alle tijden steunen,professionele hulp zoeken en een praatgroep zoeken zodat jouw broer of zus ook met lotgenoten kan praten die precies hetzelfde mee maken. Heb vertrouwen ... Ook al roept alles in je ‘als hij maar eet’, het is namelijk niet te begrijpen voor een buitenstaander wat iemand zich zelf aan doet. Ondanks dat is het belangrijk om altijd vertrouwen en geduld te behouden. Juist het opdringen kan de ziekte aleen maar verergeren, daar degene met een eetstoornis in paniek kan raken. Dit komt doordat datgene wat juist goed gaat afvallen nu ook nog afgepakt wordt.

Er moet eerst een oplossing komen voor het echte probleem wat schuil gaat achter de eetstoornis, voordat mensen afstand kunnen doen van de eetstoornis. Voor mijn broer... Ik het doet me verdriet dat hij het door heeft moeten maken, want er zal altijd een litteken blijven. Maar ik ben super trots hoe hij deze ziekte heeft overwonnen en hier iets positiefs mee heeft gedaan door zich in te zetten als Coach bij ISA Power en middels een eigen stichting www.anorexiajongens.nl Zo wilt hij meer aandacht krijgen en begrip creëeeren voor jongens met anorexia.

Mijn wens voor alle ouders, zussen en broers ... Dat er grip komt op de eetstoornis en daarbij behorende problematiek. En dat deze stoornis met goede hulp steeds sneller en beter kan worden begeleid.

Een eetstoornis en profvoetbal gaat niet samen

Rowan met zijn vader Thijs

Rowan met zijn vader Thijs

Geschreven door vader Thijs

Van ongeveer alle mensen die worstelen aan anorexia en boulimia is 10% tot 15% jongen of man. Het komt niet alleen voor bij jonge mensen zoals bij mijn zoon van 13 jaar, maar ook nog bij mannen die ouder zijn. Bij mijn zoon is orthorexia gediagnostiseerd, een afgeleide vorm van anorexia. Hij wilt profvoetballer worden maar hij maakt het zichzelf wel erg lastig zo. Ik heb een kort en krachtig verhaal geschreven en tips voor andere vader. 

Thijs zijn zoon Rowan is gediagnostiseerd met orthorexia. Vader Thijs begrijpt niet dat zijn zoon niet inziet dat hij met deze manier van leven niet goed bezig is.

Mijn zoon vindt het moeilijk om gelukkig te zijn. Ik heb het idee dat mijn zoon Rowan het moeilijk vindt om gelukkig te zijn. Ikzelf vind het moeilijk te begrijpen dat Rowan, door deze manier van leven, zijn droom om profvoetballer te worden waarschijnlijk niet gaat verwezenlijken. En dat terwijl hij zelf denkt dat hij goed bezig is.

Op deze manier zal hij nooit zijn droom waarmaken om profvoetballer te worden! Rowan eet veel te weinig t.o.v. zijn actieve levensstijl en heeft veel moeite zich te ontspannen en verveelt zich snel als er niet geleerd of gevoetbald hoeft te worden. Hij heeft ontzettend veel moeite met onverwachte dingen. Bijvoorbeeld een wijziging van dagplanning of een ander gerecht. Voor mijn vrouw Angelique en mij is het avondeten een van de leukste momenten van de dag.

De lol is er af! Door alle aanpassingen die we hebben moeten maken en om er voor te zorgen dat Rowan toch genoeg eet is de lol er nu wel een beetje van af. Tijdens een gezinsuitje vind ik het gezellig om met z’n allen ook wat te eten en te drinken. Ook dit is, door de vele aanpassingen die we hebben moeten maken, een stuk minder gezellig. Maarja, je wilt ook dat je zoon wat eet!

Op sommige momenten gaat het ook heel erg goed! Rowan heeft al veel hulp gehad. Hij is opgenomen geweest en sinds kort heeft hij ook hulp van een ervaringsdeskundige coach. Ook een jongen die vroeger heeft geworsteld met een eetstoornis, anorexia om precies te zijn. Rowan probeert nu regelmatig andere dingen te eten. Rowan doet het goed op school en heeft veel vrienden op school en op de voetbal.

Ik heb veel geleerd over eetstoornissen. Het lastigste en het meest vervelende is dat op het moment dat je beseft dat het om een eetstoornis gaat, het al te laat is. Het is voor mij als vader heel erg moeilijk om mij te verplaatsen in iemand met een eetstoornis. Ik besef nu ook dat je er niet zomaar van af bent. Ik denk dat het super belangrijk is voor mijn zoon Rowan dat hij geholpen wordt door een ervaringsdeskundige coach. Voor ons als ouders is het cruciaal dat we duidelijke afspraken met hem maken en controleren dat hij zich hier ook aan houdt.

Mijn tip aan andere ouders! Blijf je kind onvoorwaardelijk steunen in zijn of haar strijd tegen de eetstoornis!

Bedankt! Thijs

Gineke had een volwassen dochter met een eetbuienstoornis (BED)

moeder van een dochter met een binge eating disorder eetstoornis www.isa-power.nl

Gineke deelt haar verhaal over haar dochter Kirsten (van 42 jaar) die een eetstoornis aan het overwinnen is.

Men denkt zo vaak dat het je eigen schuld is dat je zo dik bent want immers: ’ieder pondje gaat door het mondje.’ Mijn dochter Kirsten vertelde ons toen ze 130 kilo woog dat ze een maagverkleining wilde ondergaan om van haar overtollige kilo’s af te komen. We schrokken ervan, dit is een grote ingreep die ook niet zonder risico’s is.


Zaterdag 14 maart, 2016. Daar zit je dan als moeder op de bank naast je dochter van 42 jaar die enthousiast vertelt over een gezellig weekend op de Veluwe met allemaal lotgenoten die een eetstoornis hebben. Eetstoornis? Ik heb geluisterd naar haar verhalen en ben er ook erg van geschrokken. Vooral van de emoties die bij haar los gekomen zijn. Ik heb nooit geweten dat het zo diep zat bij haar. Ik schaam me een beetje dat ik als moeder niet gemerkt heb dat mijn dochter al meer dan 25 jaar aan een eetstoornis lijdt! Zoals ze het zelf beschrijft heeft ze een ‘eetmonster’ in haar hoofd en wat dat monster aangericht heeft is niet mis.

Kirsten zag er ondanks haar overtollige kilo’s altijd goed gekleed en verzorgd uit.

Door haar vrolijke natuur is ze altijd en overal een welkome gast. Als Kirsten de deur binnenkomt, is het huis gevuld met lawaai en vrolijkheid. Ze geniet van het leven en houdt van mensen en gezelligheid om zich heen. Zo dacht ik. Ik heb nooit geweten dat dit allemaal alleen maar de buitenkant van Kirsten was en ik had er geen idee van dat er een monster in haar hoofd zat die haar leven beheerst.

Op een middag in 2007 kreeg ik een telefoontje

Op een middag in 2007 kreeg ik een telefoontje van Kirsten en ze vroeg me of ze ’s avonds een hapje mee eten kon. Natuurlijk was dat geen probleem, het is altijd gezellig als Kirsten komt. Na het eten vertelde ze dat ze iets met ons bespreken wilde. Ze vertelde ons dat ze een maagverkleining wilde ondergaan om van haar overtollige kilo’s af te komen. We schrokken ervan, dit is een grote ingreep die ook niet zonder risico’s is. Maar toch hebben we haar gesteund in haar besluit en zijn samen met haar dit traject ingegaan. We hebben zo vaak samen gelijnd en nu ze voor deze manier van afvallen gekozen heeft willen wij haar ook nu helpen om dit traject goed af te sluiten. En dat is gelukt, Kirsten is 65 kilo afgevallen!

De maagverkleining was absoluut geen makkelijk besluit. Als er iemand is die denkt dat het een makkelijk besluit is om op deze manier af te vallen heeft het mis. Het is namelijk een traject dat niet eenvoudig is, want op deze manier duurt het ook lang voordat je 65 kilo kwijt raakt. En ook deze manier van afvallen heeft veel moeilijke momenten! Ik heb veel respect voor mensen die er zoveel voor over hebben om weer een normaal en gezond lichaamsgewicht te krijgen.

Het is je eigen schuld dat je dik bent.

Men denkt zo vaak dat het je eigen schuld is dat je zo dik bent want immers: ’ieder pondje gaat door het mondje.’ Ik weet waar ik over spreek want ik ben ook al mijn levenslang opzoek naar de balans tussen mijn vraatzucht en mijn ijdelheid. Kirsten is dus mooi afgevallen en nu zou je denken het probleem is opgelost maar dat is dus niet waar. Het monster heeft zich een poosje koest gehouden maar kwam weer terug en het gevecht begon opnieuw. Het eten moest nu gecompenseerd worden door (dwangmatig) bewegen want het gewicht MOEST natuurlijk op peil blijven. Nog een rust in haar hoofd.

Toen kreeg Kirsten een burn-out. Onze Kirsten een burn-out?

Hoe kan dat nou dat is toch niets voor Kirsten? Door al de regeltjes die voor zichzelf gecreëerd heeft is Kirsten zonder het zelf in de gaten te hebben een perfectionist geworden en dit heeft er mede toe geleid dat ze een burn-out kreeg. Door verschillende coaches die haar geholpen hebben om haar burn-out te genezen is er behoorlijk in haar verleden gewroet. Hierdoor kwam Kirsten haar eetgedrag ook aan de orde en kwam Kirsten er achter dat ze een eetstoornis heeft. Daar moet je dan eerst een burn-out voor krijgen!

Als moeder vraag je je dan af,… wat heb ik gemist?

Ik heb nooit gedacht bij Kirsten aan een eetstoornis. Volgens mij hield ze gewoon van lekker en veel eten zoals de hele familie dat doet. Bij Kirsten liep het wel wat uit de hand en was het wat extreem, maar een eetstoornis kwam niet bij mij op. Nu heb ik het idee dat het niet eten eerder als eetstoornis wordt herkend dan het overvloedig eten. Hoe dan ook ieder vorm van eetstoornissen heeft aandacht en hulp nodig. Ik weet dat Kirsten erg blij is met de hulp van Isabelle (ISA Power) die het zelf heeft meegemaakt en weet hoe het is om een eetstoornis te hebben.

Wie kan beter helpen dan iemand die het zelf aan den lijve ondervonden heeft?

Ik zie dat Kirsten op de goede weg is samen met haar coach om definitief met het ‘eetmonster’ af te rekenen. Kirsten is pas 42 jaar en ik hoop dat ze nog lang mag genieten van haar leven zonder eetmonster in haar hoofd! En ik weet dat Kirsten me niets kwalijk neemt want ook zij heeft pas sinds kort haar eetstoornis geaccepteerd. En volgens mij kun je pas beginnen met het overwinnen van een eetstoornis als je toegeeft dat je een eetstoornis hebt.

Gineke, Moeder van Kirsten

Mijn zoon van 12 jaar kreeg een eetstoornis

moeder van een zoon met een eetstoornis www.isa-power.nl

Dit verhaal is geschreven door Moeder – Angelique

Luister heel goed naar de wensen van je zoon of dochter! Sinds mijn zoon Rowan gecoacht wordt door een ervaringsdeskundige man - iemand die zelf zijn eetstoornis heeft overwonnen - is hij zich heel goed gaan voelen. Hij heeft hier heel veel steun aan en zijn inzet om de eetstoornis te overwinnen is heel groot. Uniek is dat ISA Power ook mannelijke coaches heeft die zich inzetten, dat kom je nog nergens tegen. De methode die gebruikt wordt is ook heel positief gericht.

Toen haar zoon 12 jaar was zag ze haar hem veranderen in iemand die ze niet meer kende. De eetstoornis nam controle over hem. Van alle mensen die aan anorexia lijden is ongeveer 10% tot 15% man/jongen.

Wat is er toch met hem aan de hand?

Het was eind groep 8 (Rowan was toen 12 jaar) en er gebeurde van alles. Je leeft in een roes, je ziet je zoon veranderen in iemand die je niet kent. Rowan was een fanatiek voetballer en had maar 1 droom : profvoetballer worden! Met de dingen die hij allemaal deed zag ik, en velen buitenstaanders met mij, dat hem op deze manier niet zou gaan lukken. Na een afwijzing bij een selectie van een voetbalclub leek het wel of er iets in hem was geknapt. Hij wilde voetballen en zijn middelbare tijd bij het Scheldemondcollege doen. Hij had zich voor 200% ingezet en het lukte hem gewoon niet. Hij werd onrustig, ging eigen trainingsschema’s aanleggen, vermagerde sterk en leefde in zijn eigen wereld. School werd ook angstig.

We beseften dat het gruwelijk mis zou kunnen gaan.

Op school hadden ze al een plan klaar liggen voor hem. Wat moet je bij een diëtiste als je zoon niet wilt eten? Daarna hem ik hem meegekregen naar de schoolarts van de GGD. Die zei kom over een maand maar terug en ik weet zeker dat Rowan dan is aangekomen. Heeft ook de moeite genomen om allerlei voetbalverhalen mee te geven. Toen we de deur uit waren wist ik al meteen ‘dit gaat hem niet worden”. De blik in de ogen van de arts vergeet ik nooit meer…... dit was foute boel! Ik heb gelijk een afspraak gemaakt bij de kinderarts. Dit vond Rowan niet leuk, maar de situatie was gevaarlijk en ik moest doorpakken! Zijn gewicht met lengte was extreem zorgelijk. Daarnaast moesten er wat onderzoeken afgenomen worden. Bloed afnemen wat niet in 1 keer lukte dus moest nog een 2e keer en daarbij werd ook nog een hartfilmpje gemaakt. Die blik van die mevrouw die dat filmpje maakte vergeet ik nooit meer. Het filmpje zou digitaal verzonden worden naar de andere afdeling in het ziekenhuis. Echter, stond zij erop toe dat we het toch maar gelijk even persoonlijk gingen afgeven.

De uitslagen waren niet goed. Toch besloot de kinderarts hem te laten gaan en hem zelf de kans te geven zich te herpakken. Ik zag dat hij ongelukkig was en hij wist het niet meer, maar toch…..ging hij door. Al moest hij er bij neervallen. Hij moest en zou presteren van zichzelf, in het veld en op school. De wedstrijden gingen gewoon door. Op een gegeven moment wist hij volgens mij niet meer dat hij op het veld stond. Hij stond er, maar daar had je het mee gehad. Ouders, ploeggenootjes, kennissen en vrienden begrepen er ook niets van. Waar is de Rowan die overal was? Bij de bal, die overzicht had en kunstjes deed? Het was werkelijk hartverscheurend als moeder. Ik kon er geen naam aangeven, laat staan dat een ander dat kon.

Ik vreesde voor zijn leven!

Het eerstvolgende bezoek bij de kinderarts had ik van tevoren een briefje afgegeven met de tekst “hoelang gaan we hiermee door totdat het echt fout gaat?” Ik was bang. Wat ik zag was dat hij uitgeput was. Die keer was hij weer afgevallen en zat hij heel diep in de gevarenzone. De kinderarts greep in. Haar woorden naar Rowan toe : je bent in een winterslaap aan het belanden net als een Beer. Hij wist precies hoe dat werkte. Dat moment als moeder vergeet je NOOIT meer! “Je moet blijven in het ziekenhuis, want het gaat niet goed met je” dat waren de woorden van de kinderarts. Die bij hem binnen kwamen als een donder slag bij heldere hemel.

Hij raakte de controle kwijt.

Wat ik het ergste vond is dat ik een kant van hem heb gezien die ik nog nooit eerder gezien had. Anorexia is een verschrikkelijke ziekte. Opnieuw beginnen; onderaan. Doodeng vond ik het. Je groeit al naar iets toe wat niet goed voelt. Ik heb gelijk 3 maanden verlof opgenomen, en mijn doel was Rowan. Het was eigenlijk weer even mijn kleine Rowan. We moesten onderaan beginnen. Hij is 9 weken opgenomen geweest. We hadden een kinderarts, fysiotherapeut, diëtiste en een psychologe van het GGZ. Er is heel hard geknokt om Rowan uit het ziekenhuis te krijgen. Met vallen en opstaan. Rowan heeft nog 2 zusjes, Lieke van 6 jaar en Zoë van 2 jaar. Heel ons gezin stond op zijn kop. Met heel het gezin en familie hebben we geknokt om Rowan zoveel mogelijk bij te staan.

Bedankt voor het lezen van mijn verhaal,

Angelique

De psycholoog zei dat mijn zoon orthorexia had

moeder van een zoon met een eetstoornis www.isa-power.nl

Dit verhaal is geschreven door Moeder Angelique

Je leert steeds meer over de eetstoornis, maar begrijpen doe ik het volgens mij nooit. Het doel is aansterken, maar als je dan toch met de vloeibare voeding (infuus) knoeit. Ik begreep het niet. In het ziekenhuis lag hij voor zijn herstel, verder wisten ze daar niets van de eetstoornis. We kregen de opdracht om niet in discussie te gaan met de artsen en andere mensen uit het ziekenhuis. Soms voelde het wel eens alsof Rowan een slechterik was. Maar hij kon er niets aandoen, het was de orthorexia. Hij mocht uit het het ziekenhuis toen hij een goed gewicht had.

De weegmomenten bleven en de begeleiding van de psycholoog bleef ook. We hebben veel doelen en afspraken gemaakt en stapje voor stapje zijn we verder gegaan. Toch liep hij vast en was onze Rowan op zoek naar lotgenoot die hem begreep. Het gevecht tegen een eetstoornis is een hele eenzame strijd.

Ik ben gaan zoeken op internet. Hier ben ik in contact gekomen met een organisatie welke werkt vanuit ervaringsdeskundigheid, genaamd ISA Power.

De eerste ontmoeting met zijn coach was niet te beschrijven. Hij voelde zich eindelijk ‘thuis’ en begrepen.

Als moeder heb je alles over voor je kind, liefde geven, troosten, helpen met huiswerk, noem maar op, maar die eetstoornis begreep ik niet! Daarom is het heel belangrijk dat deze mensen er zijn, die het ook hebben doorgemaakt en weten wat het werkelijk is om een eetstoornis te hebben.

Alle coaches hebben hun eetstoornis overwonnen en weten waar ze over praten. Dat geeft een heel fijn gevoel. Eigenlijk was er bij ons in de buurt maar weinig bekend over deze eetstoornis en wat de mogelijkheden waren. Ook ik als moeder heb me alleen gevoeld. Zelf kon ik niet bepalen wat wel én niet goed was en is. Toch ben ik ben altijd mijn moedergevoel blijven volgen. Op de goede weg! Rowan is op de goede weg. Als ouder wil je misschien te snel resultaat zien. Je wilt natuurlijk heel graag, zo snel mogelijk, je lieve, gelukkige, lachende, levensgenietende, voetballende zoon terug.

Je wilt niet dat hij ongelukkig is, maar geniet van het leven! Als gezin hebben we allemaal wel op de een of andere manier te maken met de eetstoornis van Rowan. Een eetstoornis heb je niet alleen. Het is lastig, het valt niet altijd mee. Spontane uitjes naar de Mc Donalds, pannekoekhuis of feestjes zijn er niet altijd bij. Ik moet daar wel op letten dat ik daar niet al teveel aan toegeef. Ik vind dat moeilijk om daar een middenweg in te vinden. Daarnaast vind ik de dwang van Rowan ook lastig. Hij begint gewoon aan het eten omdat hij om 17.00 wilt eten. Ik heb al vaker tegenover hem gestaan omdat we het niet eens zijn over zijn dwang. Dat vind ik een hele lastige. Het eten is samen met mijn man onze passie, maar dat wij samen kokkerellen in de keuken dat is al lang niet meer. Omdat wij er ook niet altijd meer van kunnen genieten.

Soms wens ik wel eens dat die eetstoornis er één dag niet is. Er heerst bij ons in huis altijd een soort van spanning/stress. Onverwachtste dingen kunnen we niet overzien, maar toch ben ik daar wel mee bezig. Zelf heb ik al veel geleerd over eetstoornissen. Dat het eigenlijk niet om eten gaat, maar hetgene wat erachter schuilt. Ik heb me lange tijd schuldig gevoelt. Ik heb me als moeder schuldig gevoelt en dit hele gebeuren heeft mij onzeker gemaakt. Wat heb ik anders moeten doen? Waar is het mis gegaan? Wat heb ik niet gezien? Ik was er altijd voor Rowan. Hij moest zich nooit bewijzen voor mij en we waren altijd met hem op pad. Onbegrip moet ik proberen los te laten, maar dat vind ik ook nog moeilijk.

Wat ik zelf ook heel moeilijk vond dat mensen heel makkelijk zeiden “als hij maar gewoon gaat eten dan komt het wel goed”. Ik liet ze het maar, omdat veel mensen het gewoon niet begrijpen. Het is een ingewikkelde ziekte. Het is een ingewikkelde ziekte wat niet met een pilletje of na een week weer over is. Het beste in het herstel is te laten blijken dat je er zoveel mogelijk voor hem bent en hem vertrouwd. Ook is het belangrijk dat we beide open en eerlijk zijn tegen elkaar en duidelijk afspraken maken. Dat is iets wat Rowan echt wel nodig heeft. We zijn nog best wel veel met eten bezig. We willen terugval natuurlijk voorkomen, dus we herinneren Rowan er weleens aan dat hij iets moet eten en drinken.

Op het moment dat we het gezegd hebben denken we al ‘dat hadden we beter niet kunnen doen’. Loslaten! Wat is dat moeilijk, voor hem maar ook voor ons! We zouden het meer moeten loslaten, maar dat is ook lastig, want je wilt dat hij voldoende binnen krijgt. En zeker omdat hij nog steeds heel intensief met voetbal bezig is. Sinds zijn geboorte is Rowan al een slechte eter, maar we hadden de hoop dat dit nog weleens beter werd. Hij zal altijd slank zijn met zijn postuur en bouw en dat is oké! Luister heel goed naar de wensen van je zoon of dochter. Sinds Rowan gecoached wordt, die zelf een eetstoornis heeft overwonnen, is hij zich heel goed gaan voelen. Hij heeft hier heel veel steun aan.

Uniek is dat ISA Power ook mannelijke coaches heeft die zich inzetten, dat kom je nog nergens tegen. Zijn inzet om de eetstoornis te overwinnen is heel groot. De methode die gebruikt wordt is ook heel positief gericht. De doelstellingen die hij samen met zijn coach maakt, komen vanuit hemzelf en vanuit niemand anders. Dit is ook heel belangrijk. Voelen, doen en praten worden in het coach traject gecombineerd. Voelen, doen en praten. Dit werkt beter dan alleen maar praten, want dat is Rowan zijn favoriete ding niet. Het lijkt me ook extra moeilijk, voor iedereen die worstelt met een eetstoornis, als de focus alleen maar of steeds op het eten zelf ligt.

Er ligt namelijk zoveel meer verscholen onder de eetstoornis. Ik blijf vertrouwen houden, ook al is dat soms erg moeilijk!

Bedankt voor het lezen van mijn verhaal,

Angelique

Heeft u ook nog tips die waardevol zouden kunnen zijn voor anderen ouders en familie leden?
Stuur deze dan naar info@mijnkindheefteeneetstoornis.nl
www.mijnkindheefteeneetstoornis.nl Een initiatief van ISA Power

8 jaar oud en een eetstoornis / anorexia bij zeer jonge kinderen

Ook meisjes en jongens van 8 jaar kunnen een eetstoornis krijgen. De afgelopen jaren is het aantal kinderen met anorexia onder de 13 jaar steeds verder toegenomen.  

Van de een op andere dag stoppen met eten, het lijkt ongelooflijk maar helaas zien we een stijging in het aantal kinderen met een eetstoornis. 

Fotografie, unsplash.com

Fotografie, unsplash.com

Hoe kan dit? En hoe kunnen we eetstoornissen voorkomen? 

Er zijn jonge kinderen die zelfs zo bang zijn om de controle te verliezen dat ze niet eens water durven drinken. Anorexia heeft niet alleen te maken met graag dun willen zijn of het nastreven van een ideaalbeeld op internet op televisie. Als het waar was dat het daarom zou gaan dan zou menig kind wel stoppen bij hun ideale "skinny" gewicht. Wat we wel vaak zien is dat het begint met een onschuldig dieet, een poging om te lijnen, soms een poging om gezonder te worden. Het grote verschil is dat mensen met een eetstoornis er compleet in doorslaan. Er zit geen stop op, ze gaan verder, dieper, totdat ze niet meer kunnen. Ergens gaandeweg, in deze mislukte lijnpoging, hebben ze het gevoel gekregen dat ze ergens goed in zijn, ze hebben ergens controle over.

En in deze (schijn)controle zit vaak ook een vermijdende strategie, zodat ze niet hoeven te voelen of om te gaan met hun sociale en emotionele uitdagingen. Enkele voorbeelden van sociale en emotionele uitdagingen zijn gevoelens als onzekerheid, angst voor afwijzing, eenzaamheid, de angst om te falen (wat zich uit in perfectionisme). Ook "helpt" het kinderen om om te gaan met gevoelens zoals verdriet (rouw en verlies) en andere traumatische ervaringen (trauma's en misbruik). 

Ouders zien de eetstoornis als een probleem, het kind echter als een oplossing. Door dit grote verschil is er in veel huishoudens vaak ruzie en geschreeuw. Ouders willen niet samenwonen met een eetstoornis, en het kind is te bang om het los te laten. Het is een schijnveiligheid geworden, die ook zelfvertrouwen en controle geeft. 

Kinderen die anorexia ontwikkelen hebben en een enorme wilskracht. Ze zetten deze wilskracht alleen in om controle te houden over het eten. Het verliezen van de controle over eten leidt tot enorme angst, paniekaanvallen en stress. En begrijpelijk dat elk kind, net zoals elke ouder, dit het liefst probeert te vermijden. Het hoofd (de geest) is zelfs in staat om hongersignalen compleet te negeren. Naar verloop van tijd is het honger en verzadigingssysteem zo verwart dat de stem van het lichaam verzwakt en de patiënt geen duidelijke honger gevoelens (knorrende maag bijvoorbeeld) meer ervaart.  

Wat kun je nu doen als je een kind met een eetstoornis hebt?

Voor ouders is belangrijk dat ze zo goed mogelijk proberen bijdragen aan een positief zelfbeeld. Dat betekent dat er niet alleen maar complimenten moeten worden gegeven over het uiterlijk, school prestaties maar ook over de simpele dingen in het leven. Kinderen leren over het algemeen door hetgeen wat ze zien, ze kopiëren dingen, belangrijk is daarom ook dat u zelf uit draagt wat u uw kinderen leert (of wilt leren). Een moeder of vader die zelf continu bezig is met zijn uiterlijk, lichaam of gewicht of hierover klaagt is niet echt een stimulans voor het kind. Niet alleen als ouder heeft u neen groot effect op uw kind, ook de leeftijdsgenootjes hebben veel invloed. 

Hoe sneller uw hulp neemt hoe beter. Uit onderzoek blijkt dat kinderen die (een beginnende eetstoornis hebben) en meteen hulp nemen ook veel sneller genezen. 

Fotografie, unsplash.com

Fotografie, unsplash.com

Wat is het gevaar van anorexia bij jonge kinderen?

Wij willen allereerst zeggen dat elke vorm eetstoornis veel gevaren met zich mee brengt. Anorexia is niet erger dan Bulimia of Binge Eating (etc...). Elke psychisch lijden is zwaar. De schade die anorexia aanricht kan somatisch (lichamelijk) gezien heel groot zijn. De schade is nog groter dan bij oudere kinderen of volwassenen met een eetstoornis. Doordat kinderen nog in de groei zijn lopen ze een vertraagde botrijping op, wat ervoor zorgt dat ze meer kans hebben op botbreuken als ze ouder zijn. Ook kan de groei stoppen. Het lichaam doet er namelijk alles aan om te overleven. En alle lichamelijke functies die minder belangrijk zijn staan even on hold. Ook de hersenontwikkeling loopt gevaar en de seksuele rijping vertraagd, waardoor er later vruchtbaarheidsproblemen zouden kunnen ontstaan. 

Eetstoornis behandeling voor kinderen

Wanneer u op zoek gaat naar een eetstoornis behandeling voor uw kind zorg er dan voor dat uw kind een goede klik heeft met zijn of haar therapeut/behandelaar. Omdat kinderen nog niet goed over hun gevoelens kunnen praten is het dus belangrijk dat ze op een andere manier communiceren en creatief therapeutisch te werk gaan met uw kind. 

Herstel van anorexia is mogelijk!

Tot slot ook positief nieuws. Uw kind kan herstellen!

Als u wilt weten hoe wij werken en wat we zouden kunnen betekenen voor uw gezin, neem dan geheel vrijblijvend contact op met onze support afdeling: support@isapower.nl of bel naar 0614638935. 

Eetstoornis, een web van leugens

Een eetstoornis is een monster dat erin sluipt. Het maakt veel meer kapot dan je in eerste instantie misschien denkt. Niet alleen je kind maar ook jij, als ouder, raakt verwikkeld in een web van calorieën, schijncontrole, wel eten, niet eten, onbegrip, onmacht en leugens.

Misschien gaat het om een kleine leugen. Misschien gaat het om een grote leugen.
Spreekt je kind dit keer wel de waarheid? Zie jij dingen die er misschien niet zijn?De eetstoornis van je kind heeft je inmiddels al zoveel wijs gemaakt. Wat is tegenwoordig nog de waarheid?

3320409558_0b46b90f4c_z.jpg

Je probeert je kind te geloven en je overtuigt jezelf ervan dat hij of zij de waarheid spreekt. Toch weet je diep vanbinnen dat dit helaas niet altijd zo is. Waar komen die leugens vandaan?

Ik ben je ouder denk je. Tegen mij kun je eerlijk zijn. Heus; ik word niet boos.
De leugens worden gecreëerd vanuit de eetstoornis. Hoe vaster je kind in de eetstoornis zit, hoe moeilijker hij of zij tegen de eetstoornis kan ingaan. Er wordt meegegaan in de wil van de eetstoornis, er wordt naar geluisterd. Ook als dit betekent dat de waarheid naar de buitenwereld wat verdraaid moet worden.
 
Waar komen al die leugens vandaan? Waarom zijn ze nodig? Het komt voort uit angst, onzekerheid en er wordt geloofd in de eetstoornis. De eetstoornis voedt twee kanten. Je sterke kant als je doet wat de eetstoornis wil en je onzekere/angstige kant als je ‘faalt’ volgens de eetstoornis. Je past je leugens aan op de dingen die je worden wijsgemaakt.

Althans, zo ging het bij mij.

De gedachten die gecreëerd werden door de eetstoornis werden mijn waarheid dus daar paste ik mijn leven op aan. Ook als ik hierdoor moest liegen tegen mijn familie, vrienden of naasten. Smoesjes als ik heb geen honger, ik heb al gegeten, door alle drukte ben ik wat afgevallen tot ik ben echt naar therapie geweest vandaag.
 
Het vertrouwen was beschadigd. Hoe heb ik dat teruggewonnen? Is dat mogelijk?
Ik vroeg dit een tijd geleden aan mijn zus en zij zei: ‘’Naarmate het beter met je ging, je stappen begon te zetten en een deel van je masker afzette, besloot ik je weer te vertrouwen. Ik heb er niks aan om bij alles wantrouwig te blijven dus op een dag besloot ik dit niet meer te zijn. Ik kan je namelijk niet redden. Dat moet je zelf doen’’.

En mama, papa? vroeg ik.
Die hebben moeten loslaten zei mijn zus. Loslaten dat zij mijn problemen niet kunnen oplossen. Dat het een gevecht is die ik zelf moest aangaan. Met de nodige hulp en steun van de omgeving. Ja, de leugens zorgden voor een scheur. Het was kwetsend en verdrietig. Als ouder moet je dit een plekje geven.

Wij als mama, papa, broers of zussen zullen altijd een bepaalde antenne houden. Een terugval, een mindere dag, vallen en opstaan. Het hoort er allemaal bij. Iedereen in het gezin moet dit monster, de eetstoornis, op zijn eigen manier een plekje geven.

love.jpg

Voor elke ouder; het vertrouwen komt terug. Elke dag een beetje meer. Acceptatie en loslaten zijn de sleutelwoorden. En tijd. Geef het tijd.

Fotografie 

Ik herken haar niet meer, hoe kan dat?

“Vroeger was mijn dochter een vrolijk, sociaal en eerlijk meisje. Ze had altijd veel te vertellen, zat nooit stil, had veel vriendinnen en was altijd eerlijk tegen mij over hoe ze zich voelde. Toen ze ziek werd, veranderde dat. Van dat vrolijke meisje dat ze was, veranderde ze in een stil en teruggetrokken iemand. Ze kwam nooit meer gezellig beneden zitten, maar ging altijd direct naar boven. De hele avond zat ze dan in haar eentje op haar kamer. Er kwamen geen vriendinnen meer over de vloer. Ik heb weleens gevraagd waarom er niemand meer kwam, maar ik kreeg dan als reactie dat ik haar gewoon met rust moest laten. Het ergste vond ik nog wel dat ze begon met liegen. Als ik aan haar vroeg of ze had gegeten, zei ze altijd van wel. Het deed me pijn om er elke keer weer achter te komen dat ze had gelogen. Hetzelfde geldt voor overgeven. Ze hield mij en mijn man voor de gek. Ik wilde haar wel op haar woord vertrouwen, maar het werd steeds lastiger. Onze band verslechterde daardoor. Ik herkende mijn eigen kind gewoon niet meer terug.”

Het is onwijs lastig als je kind een eetstoornis heeft. Het is moeilijk voor te stellen dat jouw lieve, slimme, mooie dochter (of zoon) ervoor kiest om zichzelf kapot te maken. Uit alle macht probeer je het te stoppen. Je laat haar verplicht aan tafel met het gezin eten, je controleert haar, je complimenteert haar en probeert haar alle liefde en aandacht te geven die ze nodig heeft. Toch lijkt dit niet voldoende te zijn. De eetstoornis is sterker dan dat jij bent.

Het doet pijn om te zien dat je dochter zo in de greep wordt gehouden door deze verschrikkelijke ziekte. Voorheen genoot ze van het leven, maar nu zie je vooral haar verdriet. Je ziet hoe ongelukkig ze is. De paniek die er ontstaat op het moment dat ze moet eten, is voor jou heel moeilijk voor te stellen. Vroeger at ze heel graag pizza. Nu lijkt het net alsof ze bang is dat de pizza haar opeet, zó groot is de paniek. Ze is ontroostbaar als ze een stuk heeft gegeten, omdat ze zo bang is dik te worden terwijl jij heel goed weet dat ze echt niet dik hiervan wordt. Tegelijkertijd voelt het alsof ze jou als grootste vijand ziet, omdat ze tegen je liegt. Ze liegt over hoe ze zich voelt, over wat ze heeft gegeten en over of ze heeft gecompenseerd of niet.

Fotografie: Kelly Sikkema, unsplash.com

Fotografie: Kelly Sikkema, unsplash.com

Het is goed om te beseffen dat eetstoornissen heel ver gaan. Als je dochter eenmaal in de greep van de eetstoornis zit, is het moeilijk om daar weer uit te komen. De eetstoornis zal continu trucjes bedenken om iedereen voor de gek te houden, zodat de eetstoornis kan blijven bestaan. Je dochter is vaak ook bang om de eetstoornis los te laten, omdat het een enorme strijd in haar hoofd wordt op het moment dat zij er weer voor kiest om normaal te eten.

Je moet je voorstellen dat jouw dochter bij wijze van een stem in haar hoofd heeft die haar vertelt dat ze niet goed genoeg is. Ze denkt dat ze te dik en lelijk is en dat ze er eigenlijk niet echt toe doet in het leven. Het is moeilijk om je dat voor te stellen als je haar voor je gevoel heel liefdevol hebt opgevoed en ze veel vriendinnen heeft, maar toch zitten deze overtuigingen in haar. Die overtuigingen maken dat het voor haar zo moeilijk is om ‘gewoon normaal te eten’. Elke keer als ze eet, krijgt ze direct het gevoel dat het te veel was, omdat ze het eigenlijk niet mocht van zichzelf. Ze is het niet waard om te eten.

Het is goed om een onderscheid te maken tussen jouw kind en de eetstoornis. Jouw kind is tenslotte niet de eetstoornis, maar heeft een eetstoornis. Heel veel gedrag komt voort uit haar eetstoornis. Verstandelijk weer ze echt wel dat het gedrag niet goed is, maar haar gevoel zegt wat anders. Probeer dus goed de signalen op te pikken wanneer de eetstoornis de overhand neemt. Vermijd bijvoorbeeld eindeloze discussies over wel of geen aardappelen bij het avondeten. De eetstoornis zal smoesjes bedenken waarom ze geen aardappelen hoeft te eten of waarom ze alleen maar voor de kleinste aardappeltjes hoeft te gaan, maar ga daar niet in mee. Aardappelen horen erbij en jouw dochter moet deze dus ook gewoon eten. Benoem ook dat je niet met de eetstoornis in discussie gaat. Dit is het en daar moet ze het mee doen.

Probeer ook in gesprek met haar te gaan en benoem wat je allemaal ziet. Je kan dus zeggen wat haar gedrag met jou doet. Het is belangrijk om het hier echt bij jezelf te houden. Geef haar niet de schuld, want dat kan een hoop frustratie en verdriet oproepen. Geef aan dat je haar wilt helpen, maar dat je niet zo goed weet hoe en probeer een plan te maken hoe jullie er samen voor kunnen zorgen dat ze stapjes in de goede richting gaat zetten.

Je dochter sluit zich misschien wel af van de buitenwereld, maar dat betekent niet dat ze geen sociale contacten wil. Diep vanbinnen hunkert ze naar warmte, aandacht en liefde. Probeer dit haar ook te geven, ondanks dat het lijkt alsof ze dat niet wil. Laat haar niet vallen op het moment dat ze jou juist het hardst nodig heeft.

Wat niet zeggen tegen jouw kind met een eetstoornis

Het is heel moeilijk om jouw kind met een eetstoornis te begrijpen als je zelf geen eetstoornis hebt gehad. Voor jouw gevoel heb je er waarschijnlijk alle aan gedaan om jouw zoon of dochter gelukkig te maken, maar toch is die eetstoornis in zijn of haar leven geslopen. Dit kan voor een hoop onbegrip zorgen. Wat kan je nou beter niet zeggen tegen jouw kind met een eetstoornis en waarom niet?

1. Je hebt niet heel erg ondergewicht dus het valt wel mee
Veel mensen hebben het beeld dat eetstoornispatiënten allemaal extreem mager zijn. Logisch ook, want dat is wat we vaak te zien krijgen als eetstoornissen bijvoorbeeld in de media komen. Toch heeft niet elke eetstoornispatiënt ondergewicht. Het kan dus heel goed zijn dat jouw kind wel degelijk een ernstige eetstoornis heeft zonder dat ze heel erg ondergewicht heeft.

32704717565_309efe7dee_z.jpg

Op het moment dat jij benoemt dat jouw kind nog geen ondergewicht heeft, zal hij of zij meteen denken dat de eetstoornis niet ernstig genoeg is om serieus te worden genomen. De ernst van de eetstoornis hangt niet af van het gewicht. Het gewicht kan dan soms nog wel ‘gezond’ zijn, maar vanbinnen kan er al een hoop schade zijn aangericht door de eetstoornis. Ook gaat het om de strijd in het hoofd van jouw kind.

2. Ik zie dat je bent aangekomen. Fijn dat het weer beter met je gaat!
Aankomen in gewicht betekent niet dat de eetstoornis weg is. Veel behandelingen zijn wel gericht op het aankomen van gewicht, maar vaak is de strijd in het hoofd van jouw kind dan het hevigst. De eetstoornis is ook niet meteen weg als jouw kind weer normaal eet, want nogmaals: het gaat om de strijd in het hoofd. Deze opmerking kan echter wel pijn doen bij mensen met eetstoornissen, omdat zij voorheen door middel van hun gewicht of eetpatroon konden laten zien dat het niet goed met ze ging. Eetstoornispatiënten zijn heel bang dat mensen niet in de gaten hebben dat het niet goed met ze gaat en dat gevoel wordt bevestigd door bovenstaande opmerking.

3. Je eet nog gewoon dus je hebt niet een echte eetstoornis
Mensen denken ook vaak dat eetstoornispatiënten helemaal niks eten, maar dat is echt een misvatting. De meeste eetstoornispatiënten eten namelijk wel, maar heel weinig, juist heel veel of ze compenseren het weer. Een eetstoornis is veel meer dan wat je ziet.

4. Iedereen heeft weleens een eetbui
Zeggen dat iedereen weleens een eetbui heeft en dat je je daar echt niet druk om hoeft te maken, is goed bedoeld, maar voor iemand met een eetstoornis niet fijn om te horen. De eetbuien die mensen met boulimia of BED kan je niet vergelijken met de eetbuien die we allemaal weleens hebben. Door dit te zeggen, maak je het probleem kleiner dan het is en kan jouw kind zich niet serieus genomen voelen. Probeer in plaat daarvan met jouw kind in gesprek te gaan over de eetbuien en wat dat voor jouw kind betekent.

5. Je kan toch wel gewoon normaal eten
Een eetstoornis geen kwestie van gewoon weer normaal gaan eten. Vaak weten eetstoornispatiënten zelf ook dat het niet normaal is hoe zij met eten omgaan. De meesten hebben ook al geprobeerd om weer normaal te gaan eten, maar als dat zo makkelijk was, dan hadden er geen eetstoornisklinieken bestaan. Er speelt namelijk altijd een hoop in iemands leven waardoor de eetstoornis is ontstaan. De eetstoornis is een coping mechanisme, oftewel een ‘manier van omgaan met’. Vaak is de eetstoornis dus een manier van omgaan met heftige gebeurtenissen, trauma’s, onzekerheden en moeilijke emoties. Als zulk soort zaken niet opgelost worden, zal het altijd moeilijk blijven om weer ‘normaal’ te gaan eten.

6. We zijn allemaal weleens op dieet
Deze opmerking is ook goed bedoeld, omdat je hiermee waarschijnlijk het gedrag van jouw kind wat wilt normaliseren, waardoor hij of zij zich wat minder ziek voelt. Toch is dit niet een helpende opmerking, omdat het dan kan voelen alsof de eetstoornis niet serieus genomen wordt. Een eetstoornis is namelijk wat anders dan gewoon even op dieet zijn. Een eetstoornis is een ernstige psychische stoornis.

7. Wat fijn dat je moet aankomen! Dan kan je lekker friet en appeltaart eten
De achterliggende gedachte van zo’n opmerking is waarschijnlijk dat er positief gekeken moet worden naar het feit dat jouw kind aan moet komen. Toch kan dit pijn doen, omdat het niet zo simpel ligt voor mensen met een eetstoornis. Mensen zonder eetstoornis zouden hier zeker naar uitkijken, maar voor mensen met eetstoornis roept dit vooral veel paniek en angst op.

8. Je hebt vandaag normaal gegeten dus het gaat vast weer goed met je
Het is jammer genoeg niet zo dat de eetstoornis weg is als iemand weer normaal eet. Dat lijkt natuurlijk wel zo, omdat een eetstoornis zich uit in het eten. Het is daarom niet gek dat mensen denken dat de eetstoornis over is als iemand weer normaal eet. De symptomen van de stoornis zijn dan eigenlijk wel minder, maar dat betekent niet dat de strijd in het hoofd van iemand is afgenomen.  

7322468982_0004559a97_z.jpg

9. Je bent echt niet mooi hoor met dat ondergewicht
Met deze opmerking wil je waarschijnlijk jouw kind motiveren om aan te komen, omdat ondergewicht vaak ook gewoon niet mooi is. Toch is dit enorm kwetsend en juist niet motiverend. Je kind heeft er niet bewust voor gekozen om een eetstoornis te ontwikkelen en ondergewicht te krijgen. Ze heeft ook geen ondergewicht omdat ze dat mooi vindt. Ze heeft ondergewicht doordat ze ziek is.

10. Je ziet er goed uit
Mensen met een eetstoornis vinden het vaak moeilijk om te horen dat ze er goed uitzien en al helemaal als zij weer een normaal gewicht bereiken. Er ‘goed uitzien’ staat in hun hoofd gelijk aan ‘dik’ zijn en dat is nou net wat ze niet willen. Het is natuurlijk ontzettend goed bedoeld om te zeggen dat iemand er goed uitziet, maar bij mensen met eetstoornissen moet je hier even extra bij oppassen. Als je het toch wilt zeggen, geef dan ook gelijk aan dat je daar niet mee bedoelt dat jouw kind dik is.

Fotografie 1
Fotografie 2

Hoe omgaan met jouw kind met een eetstoornis?

1. Liefde geven
Met liefde & verbinding bereik je meer dan met boosheid. Maak de eetstoornis bespreekbaar en probeer ook de schaamte- en schuldgevoelens bespreekbaar te maken. Wordt niet boos als je kind weer een keer een maaltijd heeft overgeslagen of als je weet dat ze over heeft gegeven of weer een eetbui heeft gehad. Onderzoek samen met jouw kind hoe het komt dat dit gebeurde.

2. Kies voor herstel
Geef aan je kind aan dat het er niet voor gekozen heeft een eetstoornis te krijgen, maar dat het wel kan kiezen voor herstel. Werken aan herstel is een proces wat met vallen op opstaan gepaard gaat. Spreek je vertrouwen uit, ook al heb je soms het gevoel dat het een gebed zonder einde is. Het kan echt goed komen.

3. Je staat er niet alleen voor
Geef je kind aan dat het het herstel niet alleen hoeft te doen. Geef aan dat je je kind daar graag bij wilt helpen en dat je graag wilt leren hoe je jouw kind beter kunt leren begrijpen. Hiervoor dien je je als ouder ook kwetsbaar op te stellen.

4. Eetstoornis staat los van het kind
Jouw kind is ziek, maar je kind is niet de eetstoornis. Zie de eetstoornis los van je kind. Soms kunnen ouders zelfs letterlijk zien wanneer ze met hun ‘echte’ kind te maken hebben en wanneer ‘de eetstoornis van hun kind’ aan het woord is.

 5. Schakel hulp in voor je kind
De eetstoornis is een coping mechanism waarmee onderliggende pijn wordt gemaskeerd. De eetstoornis heeft een functie en daar moet aandacht aan worden besteed. Alleen herstellen van eten en gewicht betekent geeft vaak geen lange termijn resultaat. Terugval ligt op de loer.

8031604654_6d51dd419d_z.jpg

6. Klik met hulpverlener
De klik tussen jouw kind en de hulpverlener is cruciaal. Indien er geen klik is met de hulpverlener dan zal jouw kind zich niet vertrouwd en begrepen voelen. Herstel zal dan moeizaam gaan.

7. Complimenten geven
In het herstel zal je kind met name leren om weer van zichzelf te gaan houden. Daarbij kan het heel wat complimenten en alle steun en support van jou gebruiken. Pas op met het maken van lichaamsgerelateerde complimenten. Je kind kan dat verkeerd opvatten “Oh nee, iedereen ziet dat ik ben aangekomen. Nu ben ik weer dik!”

8. Ook jij verdient hulp
Zoek ook hulp voor jezelf over hoe je met jouw kind kunt omgaan. ISA Power organiseert lezingen en bidet ook ondersteuning aan ouders. Daar leer je o.a hoe je uit de Dramadriehoek kan blijven, grenzen kan stellen en hoe je op een liefdevolle manier de confrontatie aangaat met jouw kind en de eetstoornis. Maak afspraken met de hulpverlener hoe jullie thuis de eetmomenten kunnen organiseren.

9. Vallen en opstaan hoort erbij
Terugval komt regelmatig voor en is niet gek of raar. Het betekent simpelweg dat er opnieuw moet worden stilgestaan. Het is een moment voor reflectie; wat maakt dat ik nu terugval, en wat is er wel goed gegaan?

10. Goed zorgen voor jezelf
Zorg vooral ook goed voor jezelf. De reis op weg naar het herstel van jouw kind kan soms een lange barre tocht zijn. Daarbij is het belangrijk dat je vooral ook goed voor jezelf blijft zorgen. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk dat je als ouders samen een goede afstemming hebt, zodat de eetstoornis niet tussen de ouders in gaat staan.

Fotografie

Waarom gaat ze niet gewoon eten?

Een van de meest gestelde vragen van ouders of partners van iemand met een eetstoornis is de vraag ‘waarom eet je niet gewoon?’ Het is zo begrijpelijk dat deze vraag wordt gesteld. Je ziet je geliefde langzaam maar zeker verdwijnen in de eetstoornis. Iemand eet niet meer of lijkt juist niet meer te kunnen stoppen als ze eet. Je snapt het niet, want iedereen weet toch dat je niet dik wordt als je gewoon normaal eet? Waarom ziet zij dat niet? En zo moeilijk is het bovendien toch ook niet om gewoon na een paar koekjes te stoppen met eten?

Hoe gek het ook klinkt; een eetstoornis gaat niet over eten. Natuurlijk is het wel gelinkt aan eten, want iemand kan niet meer op een normale manier met eten omgaan, maar uiteindelijk gaat het daar niet om. Net als dat een drugsverslaving niet alleen over drugs gaat. Het is begrijpelijk dat je wel gefocust bent op het eten, want we hebben eten nodig om in leven te blijven. We maken ons dan ook grote zorgen als iemand stopt met eten of al het eten weer uitkotst. Toch gaat het daar niet om. Er is echter een reden waarom iemand een eetstoornis krijgt of waarom iemand verslaafd raakt. Dat is nou precies ook de reden waarom het niet meer lukt om gewoon te eten.

Als je aan iemand met een eetstoornis vraagt waarom ze niet normaal eet, zal waarschijnlijk een eerste reactie zijn dat ze bang is om dik te worden. Dik worden is vaak een grote angst, want achter die angst schuilt een nog grotere angst. Mensen met eetstoornissen zijn bang dat ze dan niet meer geaccepteerd zullen worden, dat anderen niet meer met hen om willen gaan, dat ze falen en mislukt zijn.

Je ontwikkelt niet zomaar een eetstoornis. Een eetstoornis wordt ook wel een coping mechanisme genoemd. Het is dus een overlevingsstrategie van iemand. Het geeft veiligheid en is een houvast. Angst om de controle kwijt te raken, is ook een veelgenoemde reden bij eetstoornispatiënten. Elke genomen hap voelt als het loslaten van de controle terwijl ze die controle juist zo fijn vinden. Het hele leven loopt mis, maar over het eten en hun lichaam hebben ze in ieder geval nog wel controle. Eetstoornispatiënten zijn vaak (onbewust) opzoek gegaan naar een manier van omgaan met vervelende gebeurtenissen. Het is een houvast geworden en het kan dus iemand best wel wat opleveren. Dat maakt het zo moeilijk om het los te laten en weer gewoon te gaan eten.

Fotografie Daniele Brown

Fotografie Daniele Brown

Als iemand met een eetstoornis eet, ontstaat er een gigantische tweestrijd in het hoofd. Aan de ene kant weten ze dat het normaal is om te eten en kunnen ze heel goed bedenken dat ze daar echt geen kilo’s van aankomen. Aan de andere kant ontstaan er gevoelens van angst, schuld en schaamte. Wat als ze dik worden van het eten? Ze hadden het niet moeten doen, ze hebben het niet verdiend om te eten. Een enorm schuldgevoel kruipt omhoog.

Eten hebben we nodig om in leven te blijven, maar laat het leven nou net iets zijn waar de meeste eetstoornispatiënten zo verschrikkelijk veel moeite mee hebben. Hoe moet je leven? Wat wordt er van je verwacht? Hoe moet je je gedragen tegenover anderen? Mensen met eetstoornissen hebben vaak zoveel twijfels, angsten en onzekerheden over het leven. Ze zijn bang voor het leven. Gewoon weer gaan eten, betekent dat je weer kiest voor het leven terwijl ze dat juist zo moeilijk vinden.

Het is van groot belang dat jouw partner of kind gaat onderzoeken wat voor haar de achterliggende redenen zijn van het niet meer normaal kunnen eten. Het kan best een tijd duren voordat iemand daar helemaal achter is, omdat het vaak een confronterend, moeilijk proces is. Mensen worden met zichzelf en hun angsten geconfronteerd en dat is lastig. 

Ik begrijp dat je als omstander de behoefte voelt om tegen je partner of kind te zeggen dat ze weer gewoon normaal moet gaan eten, maar ik hoop dat je door deze blog tot wat meer inzicht bent gekomen over waarom het niet zo ‘gewoon’ voor iemand is. Het heeft ook geen zin om elke keer te benoemen dat iemand gewoon weer moet gaan eten. Dat zorgt namelijk voor weerstand, omdat degene met de eetstoornis dat zelf ook wel weet. Het is geen kwestie van niet willen, maar van tijdelijk even niet meer kunnen vanwege al die achterliggende redenen.

Probeer de ander te steunen en aan te moedigen om de achterliggende redenen te onderzoeken. Dit kan door middel van therapie met bijvoorbeeld een psycholoog of een ervaringsdeskundige. Laat weten dat je klaarstaat en graag wilt helpen met het eten en met het onderzoeken van de achterliggende redenen, maar dat de ander aan moet geven hoe jij dat het beste kan doen. Op die manier geef je steun en aandacht, maar dring je jezelf niet op en laat je de verantwoordelijkheid bij de ander.

Fotografie